Nieuws

Lezing Herman Wijffels

Van actieve boerenzoon tot betrokken professor Duurzaamheid

 

Als boerenzoon maakte Herman Wijffels (1942) mee dat Lies, een jonge koe, op de boerderij in Zeeuws-Vlaanderen kwam als oorlogsschadevergoeding. Hij heeft Lies vaak zelf gemolken. De melk was voor eigen gebruik en voor de buurt waarin zij woonden. Hier startte zijn betrokkenheid bij de voedselketen. Als econoom, werkzaam op het ministerie van Landbouw en later bij de Rabobank, heeft hij ervaren dat de Nederlandse landbouw- en voedselpolitiek gericht was op ‘veel, efficiënt en goedkoop’: het beste stukje vlees moest zo goedkoop mogelijk worden verkocht aan het buitenland. Ruilverkaveling, kunstmest, bestrijdingsmiddelen en intensieve veehouderij hebben de productie en de export enorm gestimuleerd. Het voedsel is steeds omvangrijker en goedkoper geworden, maar de bodems zijn kwalitatief achteruit gegaan en minder productief worden, de inkomsten van de boeren zijn zeer sterk onder druk komen staan en het voedsel zelf werd ongezonder. Als professor ‘Duurzaamheid en maatschappelijke verandering’ is Herman Wijffels nu van mening dat het uitgangspunt voor de voedselproductie van ‘maximalisatie’ dient te worden gewijzigd in ‘gezondheid’. Volgens hem dient er gezorgd te worden voor gezonde bodems; voor gezonde primaire productieprocessen, inclusief een behoorlijke beloning daarvan, voor gezonde verwerkingsprocessen in de voedingsmiddelenindustrie en voor supermarkten die mensen helpen zich op een gezonde manier te voeden. De gezondheid van mens en aarde hangt nauw samen, aldus Wijffels.